Extra toelichting bij slemwerken
De toegepaste uitvoeringsmethode is voor stad Peer relatief nieuw (3 jaar) en is ook bij veel inwoners nog niet gekend.
Bij de slemwerken kiezen we ervoor om niet enkel te werken met de klassieke bestrijking met steenslag, waarbij een kleeflaag met losse steentjes wordt aangebracht.
Deze methode kan in de periode na de uitvoering voor behoorlijk wat hinder zorgen door losliggende steentjes.
Bij de huidige werkwijze wordt bovenop de bestrijking nog een extra slemlaag aangebracht. Hierdoor worden de losse steentjes beter vastgelegd en is er aanzienlijk minder hinder door losliggende kiezels.
Er ontstaat een gladder resultaat waar kinderen fijner op kunnen spelen.
Het is wel belangrijk om te benadrukken dat deze werken bedoeld zijn om een bestaande, oudere wegverharding opnieuw op te waarderen. Het gaat dus niet om een volledige vernieuwing van de weg en er mogen dan ook geen mirakels worden verwacht. De bestaande ondergrond en eventuele oneffenheden blijven grotendeels behouden.
Met deze methode proberen we de levensduur van de bestaande verharding op een efficiënte manier te verlengen, met tegelijkertijd minder hinder voor de omgeving.
Vlekken en bandensporen ter hoogte van inritten
Op sommige plaatsen zijn vlekken of aftekeningen zichtbaar in de nieuwe toplaag van de wegverharding, voornamelijk ter hoogte van inritten.
Deze worden veroorzaakt door de draaibewegingen van autobanden op de verse slemlaag.
Dit fenomeen komt vaker voor bij dit type wegverharding en is een gekend verschijnsel bij een slemlaag.
Vooral op locaties waar voertuigen veel manoeuvreren of draaien, kunnen dergelijke sporen ontstaan.
Daarnaast hebben uitzonderlijk hoge temperaturen hier ook een invloed op. Door warm weer kan de toplaag tijdelijk gevoeliger zijn voor aftekeningen en belasting door draaiende banden.
Op basis van de huidige vaststellingen gaat het niet om een probleem met de aanleg of de kwaliteit van de wegverharding. Deze aftekeningen zullen doorgaans geleidelijk minder zichtbaar worden naarmate de verharding verder stabiliseert en gebruikt wordt.
Ter vergelijking verwijzen we graag naar de situatie in de Kersenlaan in Wijchmaal.
Daar kan je zien hoe een slemlaag er na ongeveer twee jaar uitziet en hoe het wegdek zich verder heeft ontwikkeld.
We blijven de situatie uiteraard opvolgen.
Veelgestelde vragen over een nieuwe slemlaag
1. Fijn zand of steenslag op bepaalde locaties
In sommige zones wordt een fijn gebroken steenmengsel gestrooid om de verse slemlaag en het verkeer tijdens de eerste periode te beschermen. Dit materiaal blijft tijdelijk op het wegdek liggen en wordt doorgaans na één à twee weken opgeveegd.
De fijnste deeltjes kunnen tijdelijk een lichte grijze verkleuring veroorzaken. Dit verdwijnt vanzelf na verloop van tijd.
2. Ruwe textuur van het wegdek
Een slemlaag bevat kleinere steendeeltjes dan een klassieke asfaltdeklaag. Daardoor kan het wegdek in de eerste periode wat ruwer aanvoelen. Door het normale verkeer wordt het oppervlak geleidelijk ingereden, waardoor het na verloop van tijd een egaler uitzicht krijgt.
3. Verkleuring van het wegdek
Tijdens de eerste weken na de aanleg kunnen lichtere of bruinachtige kleurverschillen zichtbaar zijn. Dit is normaal en verdwijnt geleidelijk door weersinvloeden en verkeer.
4. Bandensporen in keerzones
In zones waar voertuigen vaak draaien, en zeker waar zwaar verkeer manoeuvreert, kunnen tijdelijk bandensporen zichtbaar worden.
Ook dit is een normaal verschijnsel bij een recent aangebrachte slemlaag en wijst niet op een defect of een slechte uitvoering. Naarmate het oppervlak verder verhardt en stabiliseert, zullen deze sporen minder opvallend worden.
